Brechje werkt als verpleegkundige in de gevangenis

Een dag in de gevangenis ziet er nooit hetzelfde uit. Maar de job is wel heel voldoeninggevend, vertelt Brechje over haar uitdagende werk als verpleegkundige.

Brechje (33): “Op de dag dat ik afstudeerde als verpleegkundige, ben ik gaan solliciteren in de gevangenis van Gent. Bijna niemand wist dat ik op gesprek zou gaan, zelfs mijn familie niet. Misschien was ik wat bang voor hun reactie. Want wat gaat een jonge, vrijgevochten vrouw met roze en blauw geverfd haar – zo liep ik als student over de campus – zoeken op een starre werkplek waar regels zo ongelooflijk belangrijk zijn? Laten we zeggen dat ik wel van een uitdaging hou.

Ik was nog nooit in een gevangenis geweest, maar ik voelde direct: dit is iets voor mij. Ik werd aangenomen en hield meteen van de job. Wat die inhoudt? Ik verzorg wonden, doe bloedafnames, volg patiënten met diabetes of andere chronische ziektes op… Ongeacht wat mensen gedaan hebben, is het mijn taak om hen de zorg te bieden die ze nodig hebben.

Het maakt mij niet uit wat iemand gedaan heeft, tenzij dat belangrijk is voor mijn eigen veiligheid

Meestal weet ik niet eens waarvoor een gedetineerde veroordeeld is. Sommigen beginnen zelf te vertellen over hun misdaden, maar ik zal er nooit zelf naar vragen. Het maakt mij niet uit wat iemand gedaan heeft, tenzij dat belangrijk is voor mijn eigen veiligheid, zoals bij psychische problemen of gewelddadige incidenten tijdens een vorig gevangenisverblijf.

Zelf heb ik me gelukkig nog nooit bang of onveilig gevoeld, wat niet wil zeggen dat mijn werkdagen altijd rustig verlopen. Een injectie toedienen aan een gedetineerde die door drie bewakers in bedwang gehouden wordt omdat hij anders zou aanvallen, is geen sinecure. Verbale agressie van gedetineerden met een drugsverslaving, die aan mijn bureau staan te razen omdat ik hen geen pillen wil geven, is bijna wekelijkse kost.

Op zo’n moment moet je vooral kalm blijven – en je hand op de noodknop houden. De gevangenis is geen gewelddadige omgeving, maar er zijn natuurlijk risico’s. De agressie naar het personeel en onder gedetineerden is de voorbije jaren toegenomen. Op de personeelsdienst ligt er een envelop met daarin contactgegevens van mijn man, mama en zus, voor het geval er iets met mij gebeurt waardoor ik mijn familie zelf niet kan contacteren.

Vertrouwensband opbouwen

Ik hoop oprecht dat die envelop nooit moet worden opengemaakt. Niet iedereen reageert even positief als ze horen wat ik doe. De meeste mensen zijn benieuwd en stellen veel vragen. Andere reacties, en dan vooral over de gedetineerden die ik verzorg, zijn minder fraai, van ‘ze verdienen het niet’ tot ‘geef ze maar een spuitje’.

Op zo’n moment probeer ik met voorbeelden een realistisch beeld te scheppen van wat een gevangenis is. Niet elke gedetineerde is een moordenaar of pedofiel. Er zitten ook mensen die voor kleinere feiten opgepakt zijn. Een moeder die verschillende keren gestolen heeft om haar kind eten te kunnen geven, bijvoorbeeld. Of een psychiatrische patiënt die tijdens een psychose iemand vastgegrepen heeft omdat hij bang was, niet omdat hij moedwillig iemand kwaad wilde doen.

Ik zeg wel vaker dat de gevangenissen een spiegel zijn van de maatschappij. Ook binnen de gevangenismuren leven er kankerpatiënten, zwangere vrouwen, mensen met autisme of een depressie… We zien echt álles. Ook de vergrijzing is in de gevangenis hard te voelen.

Ooit heb ik eens een hele nacht met een pasgeboren baby in mijn bureau gezeten toen de moeder met complicaties in het ziekenhuis lag

We hebben gedetineerden die we dagelijks moeten helpen met wassen en eten, en die beter in een woonzorgcentrum zouden passen. Of mensen met dementie die in de gevangenis beland zijn nadat ze veroordeeld zijn voor agressie in het woonzorgcentrum waar ze verbleven. Zij horen niet thuis in de gevangenis, waar ze niet de gespecialiseerde zorg krijgen die ze nodig hebben. Dat is schrijnend.

Ik probeer zoveel mogelijk tijd te maken voor iedereen. Ik sla een babbeltje, vraag hoe ze zich voelen… Zo probeer ik een vertrouwensband op te bouwen, wat kan helpen om iemand rustig te krijgen wanneer het misloopt. Maar ook ik bots op mijn grenzen. Ik héb niet voor iedereen tien minuten tijd, hoe graag ik ook zou willen.

Er zijn veel zaken in de gevangenis waar ik moedeloos van word. Een ernstig zieke gedetineerde die moederziel alleen overlijdt in zijn cel, omdat de papieren om thuis bij zijn familie te gaan sterven niet op tijd klaar waren. Een man met een mentale beperking die eindelijk naar een gespecialiseerde zorginstelling kon gaan, maar wel nadat hij eerst zeventien jaar in de gevangenis had gezeten.

Ooit heb ik een hele nacht met een pasgeboren baby in mijn bureau gezeten. De moeder was met complicaties opnieuw opgenomen in het ziekenhuis waar ze enkele dagen daarvoor bevallen was, maar haar kind mocht niet mee. Het beeld van het verzorgingskussen tussen de computers en dat kleine wezentje tegen mijn borst zal ik nooit vergeten.

Toch blijf ik mijn job fantastisch vinden. Ik kan mensen helpen die aan de rand van de maatschappij staan, en soms niemand meer hebben om op terug te vallen. Een troostend gebaar of een bemoedigend woord kan dan veel betekenen. Het zijn kleine dingen, maar daarvoor doe ik het.”

Meer lezen:

“Mijn verstand zegt nee, hij is gewoon een van de vele oplichters. Ik zou zo graag willen dat die man écht is”
Openhartig: Mieke werd twee keer opgelicht door een internetliefde
“Vorig jaar kreeg ik de diagnose: ARFID. Tranen van geluk rolden over mijn wangen. Eindelijk voelde ik me begrepen”
Mijn verhaal: Evy kampt al haar hele leven met een atypische eetstoornis

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

Partner Content

De inhoud op deze pagina wordt momenteel geblokkeerd om jouw cookie-keuzes te respecteren. Klik hier om jouw cookie-voorkeuren aan te passen en de inhoud te bekijken.
Je kan jouw keuzes op elk moment wijzigen door onderaan de site op "Cookie-instellingen" te klikken."